Wanneer het niet mag
het splitsen van woningen.
Toon het hele artikel
Artikel 18 Algemene gebruiksregels (Hoofdstuk 3 Algemene regels)
Strijdig gebruik
Het is verboden gronden, gebouwen, bouwwerken en onderkomens te gebruiken in strijd met de bepalingen in deze regels. Tot een strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van de gronden en bouwwerken voor:
als staanplaats of ligplaats voor onderkomens, behoudens voor zover en voor zolang de aanwezigheid van onderkomens nodig is in verband met in het agrarisch gebied met landschappelijke en natuurlijke waarde, dan wel in het natuurgebied uit te voeren werken of werkzaamheden;
voor sport-, wedstrijd- of speelterreinen, zwemgelegenheden, lig- en speelweiden;
voor het beproeven van voertuigen; voor de beoefening van de motorsport; voor het houden van wedstrijden met motorrijtuigen of bromfietsen, met uitzondering van rally's en puzzelritten;
voor het racen of crossen met motorrijtuigen of (brom)fietsen buiten verharde wegen of paden;
als staanplaats voor wagens, geschikt en bestemd voor de uitoefening van handel;
ambachtelijke en/of industriƫle doeleinden;
detailhandel en groothandel, behoudens de verkoop van bedrijfsproducten, afkomstig van het eigen bedrijf en in eigen beheer;
horecadoeleinden;
permanente of tijdelijke bewoning, welke geen verband houdt met de agrarische bedrijfsvoering;
opslagdoeleinden, behoudens opslagdoeleinden die verband houden met de gebruiksfunctie in overeenstemming met het besluit(sub)vlak;
het gebruik van gronden, gebouwen, bouwwerken en onderkomens ten behoeve van een seksbedrijf, raamprostitutie en straatprostitutie;
het gebruik van gronden, gebouwen, bouwwerken en onderkomens ten behoeve van smart-, head- en growshops, tenzij dit in deze regels expliciet is toegestaan;
het gebruik van vrijstaande bijgebouwen bij een woning als zelfstandige woning;
het splitsen van woningen.
Parkeernormen
Bij de oprichting van nieuwe of uitbreiding van bestaande functies en/of gebouwen die zijn toegestaan op basis van de regels van deze verordening dient te worden voldaan aan de parkeernormen van de gemeente Maastricht.
Burgemeester en wethouders kunnen bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde onder a. ten behoeve van het afwijken van de parkeernormen in verband met een ruimere of beperktere parkeerbehoefte, met dien verstande dat:
geen toename mag ontstaan van parkeerdruk in het openbaar gebied;
geen belemmering mag ontstaan op de normale afwikkeling van het verkeer;
de verkeersveiligheid dient te worden gegarandeerd.
Kern van deze regel: "het splitsen van woningen"
Beheersverordening A2 Noord & Zuid, Artikel 18 Algemene gebruiksregels op lokaleregelgeving.overheid.nl