Verhuren in Schiedam: dit zijn de regels

Volgens de Verordening beheer woonruimtevoorraad Schiedam 2024 is het verboden beschermde woonruimte binnen 4 jaar na inschrijving zonder verhuurvergunning opkoopbescherming in gebruik te geven. Een vergunning voor woningomzetting wordt geweigerd bij minder dan 18 m2 gebruiksoppervlakte per persoon.

Gratis en zonder account. Je ziet per regel de letterlijke tekst uit de regeling. De gemeente beslist.

In de regelgeving van Schiedam staan 17 regels over verhuren, uit 3 regelingen. Hieronder staat elke regel met het artikel waar hij uit komt. De gemarkeerde tekst is de regel zelf.

Volgens deze regels onder meer:

  • maximale duur: maximaal 4 jaar
  • termijn na aankoop: 4 jaar na aankoop
  • maximaal aantal personen: maximaal 3 personen
  • maximaal aantal personen: maximaal 2 personen

Of een regel voor jouw adres geldt, hangt af van je situatie en soms van het gebied. Daarom staat elke regel op nagaan. Regelingen volgens CVDR, peildatum 19 oktober 2026. Meer over dit onderwerp: verhuren.

Verordening beheer woonruimtevoorraad Schiedam 2024

Geldend vanaf 9 juli 2026. Bekijk de bron op lokaleregelgeving.overheid.nl

Nagaan

Waar de regel geldt

de woonruimte ligt in één van de in bijlage III genoemde delen van de gemeente;

Toon het hele artikel

Artikel 9b. Verhuurvergunning opkoopbescherming

Het is verboden beschermde woonruimte gedurende een periode van vier jaar na de datum van inschrijving zonder verhuurvergunning opkoopbescherming in gebruik te geven en gegeven te houden.

Als beschermde woonruimte wordt aangewezen iedere woonruimte die elk van de volgende kenmerken heeft:

de woonruimte ligt in één van de in bijlage III genoemde delen van de gemeente;

de WOZ-waarde bedraagt niet meer dan de betaalbare koopgrens zoals bedoeld in artikel 7, lid 2 van de Huisvestingswet en geïndexeerd conform artikel 7, lid 4 van de huisvestingswet;

op de datum van inschrijving was ten minste één van de in het volgende lid bedoelde situaties van toepassing;

de datum van inschrijving ligt na 1 november 2022;

de woonruimte is geen eigendom van een toegelaten instelling als bedoeld in artikel 19 van de Woningwet.

Op de datum van inschrijving:

was de woonruimte vrij van huur en gebruik;

was de woonruimte in verhuurde staat voor een periode minder dan 6 maanden; of,

werd de woonruimte verhuurd met een verhuurvergunning opkoopbescherming.

Burgemeester en wethouders kunnen conform artikel 41, vierde lid, van de wet, ontheffing verlenen van het in artikel 41, eerste lid, van de wet opgenomen verbod.

Burgemeester en wethouders kunnen categorieën van gevallen aanwijzen die bij uitsluiting voor een ontheffing in aanmerking komen;

Aan de hand van de actualisatie schaarste/woningmarktsituatie het bedrag van 355.000 euro, zoals bedoeld in het tweede lid aanhef, en onder b, jaarlijks te laten evalueren door de gemeenteraad en indien nodig (op basis van onderbouwing vanuit de schaarste/woningmarktsituatie) te wijzigen.

Kern van deze regel: "in één van de in bijlage III genoemde delen van de gemeente"

Verordening beheer woonruimtevoorraad Schiedam 2024, Artikel 9b. Verhuurvergunning opkoopbescherming op lokaleregelgeving.overheid.nl

Nagaan

Maximale duur

vervalt in ieder geval van rechtswege vier jaar na de datum van inschrijving;

Toon het hele artikel

Artikel 9f. Inhoud van de verhuurvergunning opkoopbescherming

De verhuurvergunning opkoopbescherming vermeldt in ieder geval:

het kadastrale en postadres van de woonruimte;

de naam en het adres van de eigenaar van de woonruimte; en,

op welke grond en voor welke situatie het in gebruik geven of verhuren daarvan is toegestaan.

Een verhuurvergunning opkoopbescherming voor het in gebruik geven van woonruimte aan een woningzoekende als bedoeld in artikel 41, derde lid, aanhef en onder a en b, van de wet:

bevat de naam of namen en de hoedanigheid van degene of degenen aan wie de woonruimte in gebruik wordt gegeven; en,

treedt niet in werking zolang de hiervoor bedoelde woningzoekende de woonruimte niet in gebruik heeft genomen.

Een verhuurvergunning opkoopbescherming of een ontheffing:

vervalt in ieder geval van rechtswege vier jaar na de datum van inschrijving;

vervalt uiterlijk als de situatie waarvoor zij verleend is, eindigt; en

is niet overdraagbaar.

Aan een verhuurvergunning opkoopbescherming of een ontheffing verbinden burgemeester en wethouders tenminste voorschriften en beperkingen gericht op het voorkomen en beperken van overlast.

Aan een ontheffing verbinden burgemeester en wethouders tevens voorschriften en beperkingen gericht op de bescherming van het belang van de beschikbaarheid van beschermde woonruimte voor zelfbewoning of behoud van de leefbaarheid.

Volgens deze regel: maximaal 4 jaar

Verordening beheer woonruimtevoorraad Schiedam 2024, Artikel 9f. Inhoud van de verhuurvergunning opkoopbescherming op lokaleregelgeving.overheid.nl

Nagaan

Termijn na aankoop

Het is verboden beschermde woonruimte gedurende een periode van vier jaar na de datum van inschrijving zonder verhuurvergunning opkoopbescherming in gebruik te geven en gegeven te houden.

Toon het hele artikel

Artikel 9b. Verhuurvergunning opkoopbescherming

Het is verboden beschermde woonruimte gedurende een periode van vier jaar na de datum van inschrijving zonder verhuurvergunning opkoopbescherming in gebruik te geven en gegeven te houden.

Als beschermde woonruimte wordt aangewezen iedere woonruimte die elk van de volgende kenmerken heeft:

de woonruimte ligt in één van de in bijlage III genoemde delen van de gemeente;

de WOZ-waarde bedraagt niet meer dan de betaalbare koopgrens zoals bedoeld in artikel 7, lid 2 van de Huisvestingswet en geïndexeerd conform artikel 7, lid 4 van de huisvestingswet;

op de datum van inschrijving was ten minste één van de in het volgende lid bedoelde situaties van toepassing;

de datum van inschrijving ligt na 1 november 2022;

de woonruimte is geen eigendom van een toegelaten instelling als bedoeld in artikel 19 van de Woningwet.

Op de datum van inschrijving:

was de woonruimte vrij van huur en gebruik;

was de woonruimte in verhuurde staat voor een periode minder dan 6 maanden; of,

werd de woonruimte verhuurd met een verhuurvergunning opkoopbescherming.

Burgemeester en wethouders kunnen conform artikel 41, vierde lid, van de wet, ontheffing verlenen van het in artikel 41, eerste lid, van de wet opgenomen verbod.

Burgemeester en wethouders kunnen categorieën van gevallen aanwijzen die bij uitsluiting voor een ontheffing in aanmerking komen;

Aan de hand van de actualisatie schaarste/woningmarktsituatie het bedrag van 355.000 euro, zoals bedoeld in het tweede lid aanhef, en onder b, jaarlijks te laten evalueren door de gemeenteraad en indien nodig (op basis van onderbouwing vanuit de schaarste/woningmarktsituatie) te wijzigen.

Volgens deze regel: 4 jaar na aankoop

Verordening beheer woonruimtevoorraad Schiedam 2024, Artikel 9b. Verhuurvergunning opkoopbescherming op lokaleregelgeving.overheid.nl

Nagaan

Waar de regel geldt

Een vergunning voor omzetting of woningvorming als bedoeld in artikel 21 van de wet wordt geweigerd indien de aanvraag ziet op een woonruimte die gelegen is in de op Bijlage 1 aangegeven buurten en de eigenaar van die woonruimte geen toegelaten instelling is zoals bedoeld in artikel 19 van de Woningwet.

Toon het hele artikel

Artikel 5. Weigeringsgronden ten aanzien van onttrekken, samenvoegen, omzetten en woningvorming

Een vergunning als bedoeld in artikel 21 van de wet kan worden geweigerd als:

naar het oordeel van burgemeester en wethouders het belang van behoud of samenstelling van de woonruimtevoorraad groter is dan het met het onttrekken, samenvoegen, omzetten of woningvormen gediende belang;

de toestand van het gebouw waarop de aanvraag betrekking heeft, zich naar het oordeel van burgemeester en wethouders vanuit het oogpunt van grootte, indeling of staat van onderhoud geheel of ten dele tegen onttrekken, samenvoegen, omzetten of woningvorming verzet;

het onder a of b genoemde belang naar het oordeel van burgemeester en wethouders niet voldoende kan worden gediend door het stellen van voorwaarden of verbinden van voorschriften aan de vergunning;

het verlenen van de vergunning naar het oordeel van burgemeester en wethouders zou kunnen leiden tot een onaanvaardbare inbreuk op een geordend woon- en leefmilieu in de omgeving van de onroerende zaak of de onroerende zaken waarop de aanvraag betrekking heeft;

de aanvrager van de vergunning niet de eigenaar is van de onroerende zaak of de onroerende zaken waarop de aanvraag betrekking heeft; of,

de met de vergunning te realiseren situatie in strijd is met het bestemmingsplan, een voorbereidingsbesluit of het omgevingsplan.

Een vergunning voor omzetting of woningvorming als bedoeld in artikel 21 van de wet wordt geweigerd indien de aanvraag ziet op een woonruimte die gelegen is in de op Bijlage 1 aangegeven buurten en de eigenaar van die woonruimte geen toegelaten instelling is zoals bedoeld in artikel 19 van de Woningwet.

Een vergunning voor woningvorming als bedoeld in artikel 21 van de wet kan worden geweigerd indien de uit woningvorming beoogde woonruimte niet beschikt over een gebruiksoppervlakte van minimaal 70 m2.

Een vergunning voor woningomzetting als bedoeld in artikel 21 van de wet wordt geweigerd indien de uit woningomzetting ontstane woonruimte niet beschikt over een gebruiksoppervlakte van minimaal 18 m2 per persoon.

Een vergunning als bedoeld in artikel 21 van de wet kan voorts worden geweigerd in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur.

Burgemeester en wethouders kunnen categorieën van gevallen aanwijzen waarin in afwijking van het bepaalde in het tweede lid, voor woonruimte gelegen in de in dat lid bedoelde gebieden een woningvormingsvergunning kan worden verleend.

Kern van deze regel: "gelegen is in de op Bijlage 1 aangegeven buurten" (voorwaarde: weigering geldt als de eigenaar geen toegelaten instelling is)

Verordening beheer woonruimtevoorraad Schiedam 2024, Artikel 5 op lokaleregelgeving.overheid.nl

Nagaan

Maximaal aantal personen

geheel wordt omgezet naar onzelfstandige woonruimte en bewoond wordt door maximaal drie personen die geen huishouding vormen, niet gelegen is in de in Bijlage I bij deze verordening aangegeven delen van de gemeente en geen flat- of portiekwoning is;

Toon het hele artikel

Artikel 2. Vergunningplicht voor onttrekken, samenvoegen, omzetten en woningvorming

Woonruimte, die behoort tot één of meer van de in het tweede lid aangewezen categorieën, mag niet zonder vergunning als bedoeld in artikel 21 van de wet:

anders dan ten behoeve van de bewoning of het gebruik als kantoor aan huis of praktijkruimte aan huis door de eigenaar aan de bestemming tot bewoning worden onttrokken of onttrokken worden gehouden;

anders dan ten behoeve van de bewoning of het gebruik als kantoor aan huis of praktijkruimte aan huis door de eigenaar met andere woonruimte worden samengevoegd of samengevoegd worden gehouden;

van zelfstandige in onzelfstandige woonruimte worden omgezet of omgezet worden gehouden;

worden verbouwd tot twee of meer woonruimten of verbouwd tot twee of meer woonruimten worden gehouden.

Aangewezen zijn de volgende categorieën woonruimte:

sociale huurwoningen;

betaalbare koopwoningen;

woonruimte met een gebruiksoppervlakte minder dan 140 m2;

woonruimte met een gebruiksoppervlakte van 140 m2 en meer gelegen in de op Bijlage 1 aangegeven buurten;

woonruimte met een gebruiksoppervlakte van 140 m2 en meer voor zover die woonruimte in de 5 jaar voorafgaand aan de aanvraag:

een gebruiksoppervlakte van minder dan 140 m2 had; of

ontstaan is uit één of meer woonruimten met een gebruiksoppervlakte van minder dan 140 m2.

De in het eerste lid, onder c, bedoelde vergunningplicht is niet van toepassing indien een woonruimte:

geheel wordt omgezet naar onzelfstandige woonruimte en bewoond wordt door maximaal drie personen die geen huishouding vormen, niet gelegen is in de in Bijlage I bij deze verordening aangegeven delen van de gemeente en geen flat- of portiekwoning is;

bewoond wordt door de eigenaar terwijl een deel van die woonruimte onzelfstandig in gebruik wordt gegeven aan maximaal twee personen die geen huishouden vormen en al dan niet is gelegen in de in Bijlage I bij deze verordening aangegeven delen;

geheel wordt omgezet naar onzelfstandige woonruimte, bewoond wordt door maximaal twee personen die geen huishouden vormen en gelegen is in de in Bijlage I bij deze verordening aangegeven delen van de gemeente;

geheel wordt omgezet naar een onzelfstandige woonruimte en wordt bewoond door maximaal twee personen die geen huishouden vormen, al dan niet gelegen in de Bijlage I bij deze verordening aangegeven delen van de gemeente en een flat of portiekwoning is.

Volgens deze regel: maximaal 3 personen (voorwaarde: geen vergunningplicht voor omzetting alleen als de woonruimte niet in de Bijlage I-delen ligt en geen flat- of portiekwoning is; bewoners vormen geen huishouding)

Verordening beheer woonruimtevoorraad Schiedam 2024, Artikel 2 op lokaleregelgeving.overheid.nl

Nagaan

Maximaal aantal personen

bewoond wordt door de eigenaar terwijl een deel van die woonruimte onzelfstandig in gebruik wordt gegeven aan maximaal twee personen die geen huishouden vormen en al dan niet is gelegen in de in Bijlage I bij deze verordening aangegeven delen;

Toon het hele artikel

Artikel 2. Vergunningplicht voor onttrekken, samenvoegen, omzetten en woningvorming

Woonruimte, die behoort tot één of meer van de in het tweede lid aangewezen categorieën, mag niet zonder vergunning als bedoeld in artikel 21 van de wet:

anders dan ten behoeve van de bewoning of het gebruik als kantoor aan huis of praktijkruimte aan huis door de eigenaar aan de bestemming tot bewoning worden onttrokken of onttrokken worden gehouden;

anders dan ten behoeve van de bewoning of het gebruik als kantoor aan huis of praktijkruimte aan huis door de eigenaar met andere woonruimte worden samengevoegd of samengevoegd worden gehouden;

van zelfstandige in onzelfstandige woonruimte worden omgezet of omgezet worden gehouden;

worden verbouwd tot twee of meer woonruimten of verbouwd tot twee of meer woonruimten worden gehouden.

Aangewezen zijn de volgende categorieën woonruimte:

sociale huurwoningen;

betaalbare koopwoningen;

woonruimte met een gebruiksoppervlakte minder dan 140 m2;

woonruimte met een gebruiksoppervlakte van 140 m2 en meer gelegen in de op Bijlage 1 aangegeven buurten;

woonruimte met een gebruiksoppervlakte van 140 m2 en meer voor zover die woonruimte in de 5 jaar voorafgaand aan de aanvraag:

een gebruiksoppervlakte van minder dan 140 m2 had; of

ontstaan is uit één of meer woonruimten met een gebruiksoppervlakte van minder dan 140 m2.

De in het eerste lid, onder c, bedoelde vergunningplicht is niet van toepassing indien een woonruimte:

geheel wordt omgezet naar onzelfstandige woonruimte en bewoond wordt door maximaal drie personen die geen huishouding vormen, niet gelegen is in de in Bijlage I bij deze verordening aangegeven delen van de gemeente en geen flat- of portiekwoning is;

bewoond wordt door de eigenaar terwijl een deel van die woonruimte onzelfstandig in gebruik wordt gegeven aan maximaal twee personen die geen huishouden vormen en al dan niet is gelegen in de in Bijlage I bij deze verordening aangegeven delen;

geheel wordt omgezet naar onzelfstandige woonruimte, bewoond wordt door maximaal twee personen die geen huishouden vormen en gelegen is in de in Bijlage I bij deze verordening aangegeven delen van de gemeente;

geheel wordt omgezet naar een onzelfstandige woonruimte en wordt bewoond door maximaal twee personen die geen huishouden vormen, al dan niet gelegen in de Bijlage I bij deze verordening aangegeven delen van de gemeente en een flat of portiekwoning is.

Volgens deze regel: maximaal 2 personen (voorwaarde: geen vergunningplicht voor omzetting alleen als de eigenaar de woonruimte zelf bewoont; bewoners vormen geen huishouden)

Verordening beheer woonruimtevoorraad Schiedam 2024, Artikel 2 op lokaleregelgeving.overheid.nl

Nagaan

Maximaal aantal personen

geheel wordt omgezet naar onzelfstandige woonruimte, bewoond wordt door maximaal twee personen die geen huishouden vormen en gelegen is in de in Bijlage I bij deze verordening aangegeven delen van de gemeente;

Toon het hele artikel

Artikel 2. Vergunningplicht voor onttrekken, samenvoegen, omzetten en woningvorming

Woonruimte, die behoort tot één of meer van de in het tweede lid aangewezen categorieën, mag niet zonder vergunning als bedoeld in artikel 21 van de wet:

anders dan ten behoeve van de bewoning of het gebruik als kantoor aan huis of praktijkruimte aan huis door de eigenaar aan de bestemming tot bewoning worden onttrokken of onttrokken worden gehouden;

anders dan ten behoeve van de bewoning of het gebruik als kantoor aan huis of praktijkruimte aan huis door de eigenaar met andere woonruimte worden samengevoegd of samengevoegd worden gehouden;

van zelfstandige in onzelfstandige woonruimte worden omgezet of omgezet worden gehouden;

worden verbouwd tot twee of meer woonruimten of verbouwd tot twee of meer woonruimten worden gehouden.

Aangewezen zijn de volgende categorieën woonruimte:

sociale huurwoningen;

betaalbare koopwoningen;

woonruimte met een gebruiksoppervlakte minder dan 140 m2;

woonruimte met een gebruiksoppervlakte van 140 m2 en meer gelegen in de op Bijlage 1 aangegeven buurten;

woonruimte met een gebruiksoppervlakte van 140 m2 en meer voor zover die woonruimte in de 5 jaar voorafgaand aan de aanvraag:

een gebruiksoppervlakte van minder dan 140 m2 had; of

ontstaan is uit één of meer woonruimten met een gebruiksoppervlakte van minder dan 140 m2.

De in het eerste lid, onder c, bedoelde vergunningplicht is niet van toepassing indien een woonruimte:

geheel wordt omgezet naar onzelfstandige woonruimte en bewoond wordt door maximaal drie personen die geen huishouding vormen, niet gelegen is in de in Bijlage I bij deze verordening aangegeven delen van de gemeente en geen flat- of portiekwoning is;

bewoond wordt door de eigenaar terwijl een deel van die woonruimte onzelfstandig in gebruik wordt gegeven aan maximaal twee personen die geen huishouden vormen en al dan niet is gelegen in de in Bijlage I bij deze verordening aangegeven delen;

geheel wordt omgezet naar onzelfstandige woonruimte, bewoond wordt door maximaal twee personen die geen huishouden vormen en gelegen is in de in Bijlage I bij deze verordening aangegeven delen van de gemeente;

geheel wordt omgezet naar een onzelfstandige woonruimte en wordt bewoond door maximaal twee personen die geen huishouden vormen, al dan niet gelegen in de Bijlage I bij deze verordening aangegeven delen van de gemeente en een flat of portiekwoning is.

Volgens deze regel: maximaal 2 personen (voorwaarde: geen vergunningplicht voor omzetting bij gehele omzetting in de Bijlage I-delen; bewoners vormen geen huishouden)

Verordening beheer woonruimtevoorraad Schiedam 2024, Artikel 2 op lokaleregelgeving.overheid.nl

Nagaan

Maximaal aantal personen

geheel wordt omgezet naar een onzelfstandige woonruimte en wordt bewoond door maximaal twee personen die geen huishouden vormen, al dan niet gelegen in de Bijlage I bij deze verordening aangegeven delen van de gemeente en een flat of portiekwoning is.

Toon het hele artikel

Artikel 2. Vergunningplicht voor onttrekken, samenvoegen, omzetten en woningvorming

Woonruimte, die behoort tot één of meer van de in het tweede lid aangewezen categorieën, mag niet zonder vergunning als bedoeld in artikel 21 van de wet:

anders dan ten behoeve van de bewoning of het gebruik als kantoor aan huis of praktijkruimte aan huis door de eigenaar aan de bestemming tot bewoning worden onttrokken of onttrokken worden gehouden;

anders dan ten behoeve van de bewoning of het gebruik als kantoor aan huis of praktijkruimte aan huis door de eigenaar met andere woonruimte worden samengevoegd of samengevoegd worden gehouden;

van zelfstandige in onzelfstandige woonruimte worden omgezet of omgezet worden gehouden;

worden verbouwd tot twee of meer woonruimten of verbouwd tot twee of meer woonruimten worden gehouden.

Aangewezen zijn de volgende categorieën woonruimte:

sociale huurwoningen;

betaalbare koopwoningen;

woonruimte met een gebruiksoppervlakte minder dan 140 m2;

woonruimte met een gebruiksoppervlakte van 140 m2 en meer gelegen in de op Bijlage 1 aangegeven buurten;

woonruimte met een gebruiksoppervlakte van 140 m2 en meer voor zover die woonruimte in de 5 jaar voorafgaand aan de aanvraag:

een gebruiksoppervlakte van minder dan 140 m2 had; of

ontstaan is uit één of meer woonruimten met een gebruiksoppervlakte van minder dan 140 m2.

De in het eerste lid, onder c, bedoelde vergunningplicht is niet van toepassing indien een woonruimte:

geheel wordt omgezet naar onzelfstandige woonruimte en bewoond wordt door maximaal drie personen die geen huishouding vormen, niet gelegen is in de in Bijlage I bij deze verordening aangegeven delen van de gemeente en geen flat- of portiekwoning is;

bewoond wordt door de eigenaar terwijl een deel van die woonruimte onzelfstandig in gebruik wordt gegeven aan maximaal twee personen die geen huishouden vormen en al dan niet is gelegen in de in Bijlage I bij deze verordening aangegeven delen;

geheel wordt omgezet naar onzelfstandige woonruimte, bewoond wordt door maximaal twee personen die geen huishouden vormen en gelegen is in de in Bijlage I bij deze verordening aangegeven delen van de gemeente;

geheel wordt omgezet naar een onzelfstandige woonruimte en wordt bewoond door maximaal twee personen die geen huishouden vormen, al dan niet gelegen in de Bijlage I bij deze verordening aangegeven delen van de gemeente en een flat of portiekwoning is.

Volgens deze regel: maximaal 2 personen (voorwaarde: geen vergunningplicht voor omzetting bij gehele omzetting van een flat- of portiekwoning; bewoners vormen geen huishouden)

Verordening beheer woonruimtevoorraad Schiedam 2024, Artikel 2 op lokaleregelgeving.overheid.nl

Nagaan

Wanneer het niet mag

Een vergunning voor omzetting of woningvorming als bedoeld in artikel 21 van de wet wordt geweigerd indien de aanvraag ziet op een woonruimte die gelegen is in de op Bijlage 1 aangegeven buurten en de eigenaar van die woonruimte geen toegelaten instelling is zoals bedoeld in artikel 19 van de Woningwet.

Toon het hele artikel

Artikel 5. Weigeringsgronden ten aanzien van onttrekken, samenvoegen, omzetten en woningvorming

Een vergunning als bedoeld in artikel 21 van de wet kan worden geweigerd als:

naar het oordeel van burgemeester en wethouders het belang van behoud of samenstelling van de woonruimtevoorraad groter is dan het met het onttrekken, samenvoegen, omzetten of woningvormen gediende belang;

de toestand van het gebouw waarop de aanvraag betrekking heeft, zich naar het oordeel van burgemeester en wethouders vanuit het oogpunt van grootte, indeling of staat van onderhoud geheel of ten dele tegen onttrekken, samenvoegen, omzetten of woningvorming verzet;

het onder a of b genoemde belang naar het oordeel van burgemeester en wethouders niet voldoende kan worden gediend door het stellen van voorwaarden of verbinden van voorschriften aan de vergunning;

het verlenen van de vergunning naar het oordeel van burgemeester en wethouders zou kunnen leiden tot een onaanvaardbare inbreuk op een geordend woon- en leefmilieu in de omgeving van de onroerende zaak of de onroerende zaken waarop de aanvraag betrekking heeft;

de aanvrager van de vergunning niet de eigenaar is van de onroerende zaak of de onroerende zaken waarop de aanvraag betrekking heeft; of,

de met de vergunning te realiseren situatie in strijd is met het bestemmingsplan, een voorbereidingsbesluit of het omgevingsplan.

Een vergunning voor omzetting of woningvorming als bedoeld in artikel 21 van de wet wordt geweigerd indien de aanvraag ziet op een woonruimte die gelegen is in de op Bijlage 1 aangegeven buurten en de eigenaar van die woonruimte geen toegelaten instelling is zoals bedoeld in artikel 19 van de Woningwet.

Een vergunning voor woningvorming als bedoeld in artikel 21 van de wet kan worden geweigerd indien de uit woningvorming beoogde woonruimte niet beschikt over een gebruiksoppervlakte van minimaal 70 m2.

Een vergunning voor woningomzetting als bedoeld in artikel 21 van de wet wordt geweigerd indien de uit woningomzetting ontstane woonruimte niet beschikt over een gebruiksoppervlakte van minimaal 18 m2 per persoon.

Een vergunning als bedoeld in artikel 21 van de wet kan voorts worden geweigerd in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur.

Burgemeester en wethouders kunnen categorieën van gevallen aanwijzen waarin in afwijking van het bepaalde in het tweede lid, voor woonruimte gelegen in de in dat lid bedoelde gebieden een woningvormingsvergunning kan worden verleend.

Kern van deze regel: "de eigenaar van die woonruimte geen toegelaten instelling is" (voorwaarde: alleen in de op Bijlage 1 aangegeven buurten)

Verordening beheer woonruimtevoorraad Schiedam 2024, Artikel 5 op lokaleregelgeving.overheid.nl

Nagaan

Wanneer het niet mag

Een vergunning voor woningomzetting als bedoeld in artikel 21 van de wet wordt geweigerd indien de uit woningomzetting ontstane woonruimte niet beschikt over een gebruiksoppervlakte van minimaal 18 m2 per persoon.

Toon het hele artikel

Artikel 5. Weigeringsgronden ten aanzien van onttrekken, samenvoegen, omzetten en woningvorming

Een vergunning als bedoeld in artikel 21 van de wet kan worden geweigerd als:

naar het oordeel van burgemeester en wethouders het belang van behoud of samenstelling van de woonruimtevoorraad groter is dan het met het onttrekken, samenvoegen, omzetten of woningvormen gediende belang;

de toestand van het gebouw waarop de aanvraag betrekking heeft, zich naar het oordeel van burgemeester en wethouders vanuit het oogpunt van grootte, indeling of staat van onderhoud geheel of ten dele tegen onttrekken, samenvoegen, omzetten of woningvorming verzet;

het onder a of b genoemde belang naar het oordeel van burgemeester en wethouders niet voldoende kan worden gediend door het stellen van voorwaarden of verbinden van voorschriften aan de vergunning;

het verlenen van de vergunning naar het oordeel van burgemeester en wethouders zou kunnen leiden tot een onaanvaardbare inbreuk op een geordend woon- en leefmilieu in de omgeving van de onroerende zaak of de onroerende zaken waarop de aanvraag betrekking heeft;

de aanvrager van de vergunning niet de eigenaar is van de onroerende zaak of de onroerende zaken waarop de aanvraag betrekking heeft; of,

de met de vergunning te realiseren situatie in strijd is met het bestemmingsplan, een voorbereidingsbesluit of het omgevingsplan.

Een vergunning voor omzetting of woningvorming als bedoeld in artikel 21 van de wet wordt geweigerd indien de aanvraag ziet op een woonruimte die gelegen is in de op Bijlage 1 aangegeven buurten en de eigenaar van die woonruimte geen toegelaten instelling is zoals bedoeld in artikel 19 van de Woningwet.

Een vergunning voor woningvorming als bedoeld in artikel 21 van de wet kan worden geweigerd indien de uit woningvorming beoogde woonruimte niet beschikt over een gebruiksoppervlakte van minimaal 70 m2.

Een vergunning voor woningomzetting als bedoeld in artikel 21 van de wet wordt geweigerd indien de uit woningomzetting ontstane woonruimte niet beschikt over een gebruiksoppervlakte van minimaal 18 m2 per persoon.

Een vergunning als bedoeld in artikel 21 van de wet kan voorts worden geweigerd in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur.

Burgemeester en wethouders kunnen categorieën van gevallen aanwijzen waarin in afwijking van het bepaalde in het tweede lid, voor woonruimte gelegen in de in dat lid bedoelde gebieden een woningvormingsvergunning kan worden verleend.

Kern van deze regel: "niet beschikt over een gebruiksoppervlakte van minimaal 18 m2 per persoon"

Verordening beheer woonruimtevoorraad Schiedam 2024, Artikel 5 op lokaleregelgeving.overheid.nl

Nadere regels kamerverhuur gemeente Schiedam 2013

Geldend vanaf 25 december 2014. Bekijk de bron op lokaleregelgeving.overheid.nl

Nagaan

Wanneer het niet mag

de aanvraag betrekking heeft op een portiek- of flatwoning;

Toon het hele artikel

Artikel 5 Gronden tot weigering van de vergunning

Het college weigert een vergunning indien vaststaat of redelijkerwijs moet worden aangenomen dat verlening van de onttrekkingvergunning zou leiden tot een ontoelaatbare inbreuk op een geordend woon- en leefmilieu in de omgeving van de woonruimte waarop de aanvraag betrekking heeft.

Een ontoelaatbare inbreuk op een geordend woon- en leefmilieu in de omgeving van de woonruimte wordt aanwezig geacht indien:

de aanvraag betrekking heeft op een woonruimte die gelegen is in een buurt waarvan de indicatorscore Overbewoning slechter is dan het Schiedamse gemiddelde;

de verlening van de vergunning ertoe zou leiden dat het aantal slaapplaatsen kamerverhuurbedrijven meer dan 5% bedraagt van het totaal aantal slaapplaatsen in de straat waar de betreffende woonruimte is gelegen, waarbij voor elke woonruimte, niet zijnde een kamerverhuurbedrijf, wordt uitgegaan van de gemiddelde woningbezetting van die betreffende straat;

de aanvraag betrekking heeft op een portiek- of flatwoning;

de minimale gebruiksoppervlakte per persoon minder is dan 18m2

De indeling in buurten is opgenomen in de bijlage bij dit besluit.

Kern van deze regel: "portiek- of flatwoning"

Nadere regels kamerverhuur gemeente Schiedam 2013, Artikel 5 Gronden tot weigering van de vergunning op lokaleregelgeving.overheid.nl

Nagaan

Wanneer het niet mag

de aanvraag betrekking heeft op een woonruimte die gelegen is in een buurt waarvan de indicatorscore Overbewoning slechter is dan het Schiedamse gemiddelde;

Toon het hele artikel

Artikel 5 Gronden tot weigering van de vergunning

Het college weigert een vergunning indien vaststaat of redelijkerwijs moet worden aangenomen dat verlening van de onttrekkingvergunning zou leiden tot een ontoelaatbare inbreuk op een geordend woon- en leefmilieu in de omgeving van de woonruimte waarop de aanvraag betrekking heeft.

Een ontoelaatbare inbreuk op een geordend woon- en leefmilieu in de omgeving van de woonruimte wordt aanwezig geacht indien:

de aanvraag betrekking heeft op een woonruimte die gelegen is in een buurt waarvan de indicatorscore Overbewoning slechter is dan het Schiedamse gemiddelde;

de verlening van de vergunning ertoe zou leiden dat het aantal slaapplaatsen kamerverhuurbedrijven meer dan 5% bedraagt van het totaal aantal slaapplaatsen in de straat waar de betreffende woonruimte is gelegen, waarbij voor elke woonruimte, niet zijnde een kamerverhuurbedrijf, wordt uitgegaan van de gemiddelde woningbezetting van die betreffende straat;

de aanvraag betrekking heeft op een portiek- of flatwoning;

de minimale gebruiksoppervlakte per persoon minder is dan 18m2

De indeling in buurten is opgenomen in de bijlage bij dit besluit.

Kern van deze regel: "indicatorscore Overbewoning slechter is dan het Schiedamse gemiddelde"

Nadere regels kamerverhuur gemeente Schiedam 2013, Artikel 5 Gronden tot weigering van de vergunning op lokaleregelgeving.overheid.nl

Nagaan

Wanneer het niet mag

de verlening van de vergunning ertoe zou leiden dat het aantal slaapplaatsen kamerverhuurbedrijven meer dan 5% bedraagt van het totaal aantal slaapplaatsen in de straat waar de betreffende woonruimte is gelegen, waarbij voor elke woonruimte, niet zijnde een kamerverhuurbedrijf, wordt uitgegaan van de gemiddelde woningbezetting van die betreffende straat;

Toon het hele artikel

Artikel 5 Gronden tot weigering van de vergunning

Het college weigert een vergunning indien vaststaat of redelijkerwijs moet worden aangenomen dat verlening van de onttrekkingvergunning zou leiden tot een ontoelaatbare inbreuk op een geordend woon- en leefmilieu in de omgeving van de woonruimte waarop de aanvraag betrekking heeft.

Een ontoelaatbare inbreuk op een geordend woon- en leefmilieu in de omgeving van de woonruimte wordt aanwezig geacht indien:

de aanvraag betrekking heeft op een woonruimte die gelegen is in een buurt waarvan de indicatorscore Overbewoning slechter is dan het Schiedamse gemiddelde;

de verlening van de vergunning ertoe zou leiden dat het aantal slaapplaatsen kamerverhuurbedrijven meer dan 5% bedraagt van het totaal aantal slaapplaatsen in de straat waar de betreffende woonruimte is gelegen, waarbij voor elke woonruimte, niet zijnde een kamerverhuurbedrijf, wordt uitgegaan van de gemiddelde woningbezetting van die betreffende straat;

de aanvraag betrekking heeft op een portiek- of flatwoning;

de minimale gebruiksoppervlakte per persoon minder is dan 18m2

De indeling in buurten is opgenomen in de bijlage bij dit besluit.

Kern van deze regel: "aantal slaapplaatsen kamerverhuurbedrijven meer dan 5% bedraagt van het totaal aantal slaapplaatsen in de straat"

Nadere regels kamerverhuur gemeente Schiedam 2013, Artikel 5 Gronden tot weigering van de vergunning op lokaleregelgeving.overheid.nl

Nagaan

Wanneer het niet mag

de minimale gebruiksoppervlakte per persoon minder is dan 18m2

Toon het hele artikel

Artikel 5 Gronden tot weigering van de vergunning

Het college weigert een vergunning indien vaststaat of redelijkerwijs moet worden aangenomen dat verlening van de onttrekkingvergunning zou leiden tot een ontoelaatbare inbreuk op een geordend woon- en leefmilieu in de omgeving van de woonruimte waarop de aanvraag betrekking heeft.

Een ontoelaatbare inbreuk op een geordend woon- en leefmilieu in de omgeving van de woonruimte wordt aanwezig geacht indien:

de aanvraag betrekking heeft op een woonruimte die gelegen is in een buurt waarvan de indicatorscore Overbewoning slechter is dan het Schiedamse gemiddelde;

de verlening van de vergunning ertoe zou leiden dat het aantal slaapplaatsen kamerverhuurbedrijven meer dan 5% bedraagt van het totaal aantal slaapplaatsen in de straat waar de betreffende woonruimte is gelegen, waarbij voor elke woonruimte, niet zijnde een kamerverhuurbedrijf, wordt uitgegaan van de gemiddelde woningbezetting van die betreffende straat;

de aanvraag betrekking heeft op een portiek- of flatwoning;

de minimale gebruiksoppervlakte per persoon minder is dan 18m2

De indeling in buurten is opgenomen in de bijlage bij dit besluit.

Kern van deze regel: "minimale gebruiksoppervlakte per persoon minder is dan 18m2"

Nadere regels kamerverhuur gemeente Schiedam 2013, Artikel 5 Gronden tot weigering van de vergunning op lokaleregelgeving.overheid.nl

Nadere regels Verordening beheer woonruimtevoorraad Schiedam 2024

Geldend vanaf 19 januari 2024. Bekijk de bron op lokaleregelgeving.overheid.nl

Nagaan

Termijn na vergunning

de voorwaarde dat de vergunning binnen twaalf maanden na het onherroepelijk worden daarvan gebruik moet worden gemaakt;

Toon het hele artikel

Artikel 6. Voorwaarden en voorschriften bij kamerverhuur (Hoofdstuk 2. De vergunning voor onttrekken, omzetten (kamerverhuur) en woningvormen, § 2.3 Omzetten (kamerverhuur))

Aan een vergunning als bedoeld in artikel 21 onder c van de Wet ten behoeve van kamerverhuur worden de volgende voorwaarden en voorschriften verbonden:

de voorwaarde dat de vergunning pas in werking treedt als zij onherroepelijk is geworden;

de voorwaarde dat de vergunning binnen twaalf maanden na het onherroepelijk worden daarvan gebruik moet worden gemaakt;

het voorschrift houdende een verbod om door gebruik van de onroerende zaak of zaken, waarop de vergunning betrekking heeft, of door het gebruik van een daarbij behorend erf of terrein, ernstige overlast, ernstig gevaar of vervuiling te veroorzaken;

het voorschrift houdende dat de vergunninghouder alle maatregelen treft die redelijkerwijs van hem gevergd kunnen worden ter voorkoming van overlast en gevaar voor of veroorzaakt door bewoners van de onroerende zaak of onroerende zaken waarop de vergunning betrekking heeft of door het gebruik van een bij die onroerende zaak of onroerende zaken behorend terrein of erf;

het voorschrift houdende dat in de onroerende zaak of onroerende zaken, waarop de vergunning betrekking heeft, aan ten hoogste het in de aanvraag genoemde aantal personen een slaapplaats mag worden geboden;

het voorschrift houdende dat de onroerende zaak of onroerende zaken waarop de vergunning betrekking heeft niet gebruikt mag worden of mogen worden in strijd met het Bouwbesluit 2012, het ter plaatse geldende bestemmingsplan of de ter plaatse geldende beheersverordening;

het voorschrift houdende dat de onroerende zaak of onroerende zaken waarop de vergunning betrekking heeft niet in een staat gebracht mag of mogen worden waardoor strijd ontstaat met het Bouwbesluit 2012, het ter plaatse geldende bestemmingsplan of de ter plaatse geldende beheersverordening;

het voorschrift houdende dat de vergunninghouder of een door hem aangesteld persoon voor medewerkers van de gemeente en bewoners van de onroerende zaak of zaken waarop de vergunning betrekking heeft, gedurende 24 uur per dag telefonisch bereikbaar is voor klachten en meldingen over het gebruik of de staat van onderhoud van de onroerende zaak of zaken.

Volgens deze regel: 12 maanden na de vergunning

Nadere regels Verordening beheer woonruimtevoorraad Schiedam 2024, Artikel 6. Voorwaarden en voorschriften bij kamerverhuur op lokaleregelgeving.overheid.nl

Nagaan

Wanneer het niet mag

het gebouw een flat- of portiekwoning is;

Toon het hele artikel

Artikel 5. Weigeringsgronden ingevolge artikel 5 van de Verordening ten aanzien van kamerverhuur (Hoofdstuk 2. De vergunning voor onttrekken, omzetten (kamerverhuur) en woningvormen, § 2.3 Omzetten (kamerverhuur))

Dit artikel is van toepassing op aanvragen om een vergunning als bedoeld in artikel 21 onder c van de Wet ten behoeve van kamerverhuur.

Een aangevraagde vergunning wordt ingevolge artikel 5, eerste lid, onder b van de Verordening geweigerd indien de toestand van het gebouw waarop de aanvraag betrekking heeft, zich verzet tegen verlening van de aangevraagde vergunning. Daarvan is in ieder geval sprake indien:

het gebouw een flat- of portiekwoning is;

verlening van de aangevraagde vergunning zou resulteren in het mogelijk maken van woonruimte met een gebruiksoppervlakte per persoon van minder dan 18 m²; of,

het uiterlijk, daaronder begrepen de staat van onderhoud, van het gebouw afbreuk doet aan het uiterlijk aanzien der gemeente.

Kern van deze regel: "flat- of portiekwoning" (voorwaarde: bij aanvragen voor kamerverhuur (omzetten))

Nadere regels Verordening beheer woonruimtevoorraad Schiedam 2024, Artikel 5. Weigeringsgronden ingevolge artikel 5 van de Verordening ten aanzien van kamerverhuur op lokaleregelgeving.overheid.nl

Nagaan

Wanneer het niet mag

Daarvan is in ieder geval sprake indien het gebouw een flat- of portiekwoning is.

Toon het hele artikel

Artikel 8. Weigeringsgronden ten aanzien van aanvragen ten behoeve van woningvormen (Hoofdstuk 2. De vergunning voor onttrekken, omzetten (kamerverhuur) en woningvormen, § 2.4 Woningvormen)

Dit artikel is van toepassing op aanvragen om een vergunning als bedoeld in artikel 21 onder d van de Wet ten behoeve van woningvormen.

Een aangevraagde vergunning wordt ingevolge artikel 5, eerste lid, onder b van de Verordening geweigerd indien de toestand van het gebouw waarop de aanvraag betrekking heeft, zich verzet tegen verlening van de aangevraagde vergunning. Daarvan is in ieder geval sprake indien het gebouw een flat- of portiekwoning is.

Een aangevraagde vergunning wordt ingevolge artikel 5, eerste lid, onder b van de Verordening geweigerd indien de toestand van het gebouw waarop de aanvraag betrekking heeft, zich verzet tegen verlening van de aangevraagde vergunning. Daarvan is in ieder geval sprake indien per te vormen zelfstandige woonruimte niet voorzien wordt in een bergruimte, welke voldoet aan de volgende eisen:

zelfstandige woonruimte met een gebruiksoppervlak van 50,0 m² of meer beschikt over een niet-gemeenschappelijke bergruimte van tenminste 5,0 m² bij een breedte van tenminste 1,8 m en een hoogte daarboven van tenminste 2,3 m. Deze bergruimte is rechtstreeks toegankelijk via het aansluitend terrein of via een gemeenschappelijke verkeersruimte;

zelfstandige woonruimte met een gebruiksoppervlak van kleiner dan 50,0 m² kan, in afwijking van het hiervoor onder a bepaalde, beschikken over een gemeenschappelijke bergruimte van tenminste 1,5 m² per zelfstandige woonruimte en een hoogte daarboven van tenminste 2,3 m. Deze gemeenschappelijke bergruimte is rechtstreeks toegankelijk via het aansluitend terrein of via een gemeenschappelijke verkeersruimte.

Kern van deze regel: "het gebouw een flat- of portiekwoning is" (voorwaarde: bij aanvragen voor woningvormen)

Nadere regels Verordening beheer woonruimtevoorraad Schiedam 2024, Artikel 8. Weigeringsgronden ten aanzien van aanvragen ten behoeve van woningvormen op lokaleregelgeving.overheid.nl

Buurgemeenten

Grijs: geen regeling gevonden voor dit onderwerp.

Verhuren in andere gemeenten

Verhuren: alle gemeenten

Meer weten

Wil je verder met je plan?

Laat je e-mailadres achter, dan hoor je per mail wat een logische volgende stap is in Schiedam. Zonder kosten voor jou.

We sturen je aanvraag door naar maximaal 2 gespecialiseerde partijen die je plan kunnen uitvoeren. Voor jou zijn er geen kosten aan verbonden. Lees onze privacyverklaring.

Dit is algemene informatie, geen juridisch advies. De gemeente beslist.