Minimale oppervlakte per nieuwe woning
De gebruiksoppervlakte van de woningen na splitsing is minimaal 50 m2, (bepaald volgens NEN 2580, zie ook de begrippenlijst onder ‘gebruiksoppervlakte);
Toon het hele artikel
Artikel 3 Woningsplitsing
Voorwaarden voor vergunning Buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA)
We hanteren de volgende criteria voor aanvragen voor nieuwe initiatieven voor woningsplitsing, wordt niet aan deze criteria voldaan dan wordt geen vergunning verleend:
Woningsplitsing is mogelijk in een hoofdgebouw. Het moet daarbij gaan om een legaal aanwezige, zelfstandige woning met een woonbestemming. Er mag dus geen woning worden gerealiseerd in bijgebouwen of aanbouwen bij/aan het hoofdgebouw.
De woning bestaat tenminste 5 jaar;
De gebruiksoppervlakte van de woningen na splitsing is minimaal 50 m2, (bepaald volgens NEN 2580, zie ook de begrippenlijst onder ‘gebruiksoppervlakte);
Er dient te worden voldaan aan het, op het moment van aanvraag, geldende parkeerbeleid van de gemeente Meierijstad;
De woningsplitsing moet stedenbouwkundig akkoord zijn. In ieder geval gelden de volgende minimale voorwaarden:
de woningen dienen na splitsing allemaal georiënteerd en ontsloten te zijn op de bestaande openbare weg van de oorspronkelijke woning (zie bijlage 1 en 2);
er mag geen sprake zijn van tweedelijns bewoning (zie bijlage2).
Een verslag van de omgevingsdialoog (het gesprek met buren en mogelijk andere belanghebbenden) is verplicht en dient bijgevoegd te worden bij de aanvraag.
Burgemeester en wethouders sluiten een schadevergoedingsovereenkomst bij het toepassen van de bevoegdheid om af te wijken van een bestemmingsplan/ omgevingsplan omdat dit kan leiden tot een waardevermindering van omliggende bebouwing, die het normaal maatschappelijk risico kan overstijgen. De overeenkomst dient door partijen te zijn ondertekend, voordat het besluit tot het verlenen van de medewerking wordt genomen.
Volgens deze regel: minimaal 50 m2 gebruiksoppervlakte per nieuwe woning
Beleidsregel ‘Woningsplitsing bebouwde kom Meierijstad 2026’, Artikel 3 op lokaleregelgeving.overheid.nl